Wordt 70–90 cm hoog en 40–50 cm breed, per vierkante meter 7–9 stuks. De bloei is roze in juli–augustus. De plant groeit in volle zon tot lichte halfschaduw, in normale tot vochtige, voedzame grond. Hij is bladverliezend en volledig winterhard. Mogelijke ziekte: Meeldauw. Na de eerste bloei worden de uitgebloeide bloemstelen weggeknipt om een tweede bloei te stimuleren; in het najaar of vroege voorjaar wordt de plant tot net boven de grond teruggesnoeid. Vermeerderen door te scheuren in het voorjaar of door ter plekke te zaaien van augustus tot oktober. Phlox maculata bekend staat om zijn zoete avondgeur, die opvallend veel nachtvlinders aantrekt.
De plant wordt 60 cm hoog en 90–120 cm breed, per vierkante meter 3–5 stuks. De plant krijgt paarse bloemen in juli–augustus en groeit in humusrijke, goed doorlatende grond op een schaduwrijke plek. Hij is bladverliezend en volledig vorstbestendig. Slakken vormen een veelvoorkomende aantasting bij hosta’s. Na de bloei wordt de plant teruggesnoeid om de vitaliteit te behouden. Vermeerderen gebeurt door delen in het voorjaar of najaar. Deze hosta is een van de oudste en meest geliefde blauwgroene cultivars is, bekend om zijn dikke bladeren die beter bestand zijn tegen slakken dan veel andere hosta’s.
Pinus mugo – pijnboom (vaste plant)
Uitspraak: PIE-nus MU-go
De plant wordt 300–500 cm hoog en 150–300 cm breed, per vierkante meter 1 stuk. De plant groeit op een zonnige tot halfschaduwrijke plek in goed doorlatende, zandige tot stenige grond en is volledig winterhard en bestand tegen wind. Mogelijke ziekten: schimmelwortelrot, naaldschimmel, roest. Snoeien gebeurt spaarzaam door in mei de nieuwe kaarsen met een derde in te korten om de vorm compact te houden. Vermeerderen gebeurt door zaaien in het voorjaar of door halfhoutige stekken.
Aconitum ‘Bressingham Spire’ – monnikskap
(vaste plant)
Uitspraak: A-KO-NIE-TUM
De plant wordt 90–100 cm hoog en 30 cm breed, per vierkante meter 7–9 stuks. De plant bloeit in juli–augustus met donker violette bloemen, is volledig winterhard maar niet wintergroen en groeit het best in gefilterd zonlicht of halfschaduw in koele, vochtige, vruchtbare en goed doorlatende grond. Alle delen van de plant zijn giftig. Mogelijke ziekten: meeldauw, bladvlekkenziekte, wortelrot. Snoeien gebeurt door na de bloei de uitgebloeide stelen weg te nemen en in het voorjaar dode of beschadigde delen te verwijderen. Vermeerderen gebeurt door te zaaien of te delen in het najaar of de winter.
Sanguisorba officinalis – grote pimpernel (vaste plant)
Uitspraak: SAN-GWIE-SOR-BA
De plant wordt 50–120 cm hoog en 40–60 cm breed, per vierkante meter 8 stuks. De plant bloeit rood in juli–augustus en groeit het best op een zonnige plek in vochtige, voedselrijke grond; de plant is niet groenblijvend maar volledig winterhard en trekt veel insecten aan. Mogelijke ziekten: meeldauw, wortelrot, bladvlekkenziekte. Snoeien gebeurt door na de bloei de uitgebloeide stelen weg te nemen en in het voorjaar dode of zwakke delen te verwijderen. Vermeerderen gebeurt door te delen in het voor- of najaar of door ter plekke te zaaien in september.
De plant wordt 120 cm hoog en 150 cm breed, per vierkante meter 1 stuk. De plant bloeit wit in juli–september en verkleurt in de herfst naar citroengeel, is bladverliezend en volledig winterhard en groeit het best in halfschaduw tot zon in vochthoudende, humusrijke grond. Mogelijke ziekten: meeldauw, bladvlekkenziekte, wortelrot. Snoeien gebeurt in het voorjaar tot ongeveer 30 cm om grote bloemen te krijgen, of tot 50 cm wanneer kleinere, stevigere bloemen gewenst zijn; ondersteuning is vaak nodig omdat de zware bloei na regen kan omvallen. Vermeerderen gebeurt door afleggen of door halfhoutige stekken in de zomer.
Rosa ‘Amber Queen’ – trosroos
De plant wordt 50–70 cm hoog en 40–60 cm breed, per vierkante meter 5–7 stuks. De plant bloeit van juli tot oktober met grote, gevulde, gele bloemen, groeit het best op een zonnige plek in humusrijke, voedzame en goed doorlatende grond en profiteert van regelmatige watergift en voeding tijdens het groeiseizoen. Mogelijke ziekten: meeldauw, zwarte vlekkenziekte, roest. Snoeien gebeurt in het vroege voorjaar om de vorm te behouden en nieuwe groei te stimuleren door oude en zwakke takken weg te nemen en sterke scheuten terug te knippen tot een gezonde knop. Vermeerderen gebeurt door halfhoutige stekken in de zomer. Staat bekend om haar sterke groei, rijke bloei en opvallend zoete geur die veel insecten aantrekt.
De plant wordt 80 cm hoog en 60 cm breed, per vierkante meter 5 stuks. De plant bloeit van juli tot oktober met oranjerode bloemen met een gele binnenzijde en groeit het best op een zonnige plek in vruchtbare, goed doorlatende grond; de plant is bladverliezend en bestand tegen lichte vorst. Mogelijke ziekten: wortelrot, bladvlekkenziekte, meeldauw. Snoeien gebeurt in het voorjaar om de plant compact te houden door oude of slappe scheuten terug te nemen. Vermeerderen gebeurt door te delen of door stekken in het voorjaar.
Ligularia przewalskii – kruiskruid (vaste plant)
Uitspraak: LI-GOE-LA-RIA PSJE-WAL-SKI
De plant wordt 150 cm hoog en 60–80 cm breed, per vierkante meter 6 stuks. De plant bloeit geel in juli–augustus en groeit het best in halfschaduw in goed doorlaatbare, humusrijke en vochtige grond; de plant kan op gunstige plekken gaan woekeren. Mogelijke ziekten: meeldauw, bladvlekkenziekte, wortelrot. Snoeien gebeurt door na de bloei de uitgebloeide bloemstelen weg te nemen en in het voorjaar dode of beschadigde delen te verwijderen. Vermeerderen gebeurt door te delen in het voor- of najaar of door ter plekke te zaaien van juli tot oktober.
Oplossingen ziekten en plagen
Slakken:Slakken handmatig verwijderen, vooral ’s avonds en na regen, schuilplaatsen weghalen en natuurlijke barrières zoals scherp grit of koperen ringen plaatsen.
Schimmelwortelrot:Watergift verminderen, grond laten opdrogen, drainage verbeteren en aangetaste wortels tot gezond weefsel wegsnijden. Naaldschimmel: Aangetaste naalden verwijderen, luchtiger zetten voor betere ventilatie en water op het blad vermijden om verdere schimmelgroei te beperken.
Roest: Aangetaste bladeren verwijderen, luchtcirculatie verhogen en de plant luchtiger zetten zodat het blad sneller opdroogt.
Bladvlekkenziekte: Aangetaste bladeren verwijderen, bladnat vermijden en de plant luchtiger zetten voor betere ventilatie.